Je eigen plan — Het autistisch brein
Het autistisch breinSchool, studie en werk

Je eigen plan

Alles bij elkaar. Met het kompas vind je de les die je nu nodig hebt. In je paspoort zet je wat helpt, wat lastig is en hoe anderen kunnen helpen. Jij kiest wie het ziet.

Duur 30 minutenBewijs ervaringBronnen nagekeken 28-10-2026Lees eerst Je prikkelprofiel, Overprikkeling

Dit komt uit de ervaring van autistische mensen, niet uit onderzoek. Veel mensen hebben er iets aan. Kijk of het bij jou past.

1/14

Eerst even gokken

Wat weet je al over een eigen plan? Kies wat je denkt. Fout is niet erg.

2/14

Wat is je eigen plan?

In deze cursus heb je veel ingevuld. Je prikkelprofiel. Je noodplan. Je scriptbank. Je werkkaart. Je eigen plan zet dat bij elkaar, op één plek.

Het heeft twee delen. Het kompas helpt je de les te vinden die je nu nodig hebt. Het paspoort is een overzicht van jou. Wat helpt, wat lastig is, en hoe anderen je kunnen helpen.

Zie het paspoort als een echt paspoort. Het zegt wie je bent. Je laat het zien als dat nodig is. Bijvoorbeeld aan een nieuwe mentor of leidinggevende. En jij bepaalt aan wie.

Om te onthouden

Je paspoort is van jou. Jij kiest wat erin staat, en wie het ziet.

Het kompas

Weet je niet waar je moet beginnen? Beantwoord een paar vragen. Dan krijg je een link naar de les die past.

Wat je invult, blijft op dit apparaat.

3/14

Waarom een paspoort?

Elk autistisch brein is anders. Een nieuwe mentor, docent of collega weet niet wat bij jou speelt. Dan moet je het elke keer opnieuw uitleggen. Dat kost energie.

Met een paspoort heb je het al op papier. Je hoeft het niet ter plekke te bedenken. En de ander kan het teruglezen.

Je kunt het ook voor jezelf gebruiken. Wat helpt mij? Wat kost energie? Zo leer je jezelf beter kennen. En je kunt het bijwerken als er iets verandert.

4/14

Wat weten we?

Over paspoorten voor autistische mensen is nog weinig onderzoek. Het bewijs staat daarom op ervaring.

WatWat we wetenBron
Een paspoort voor onderzoekHielp het contact. Je kiest zelf hoeveel je vertelt. Het moest flexibel zijn, en loste niet alles opAshworth e.a. (2021)
Een communicatiepaspoortMensen schreven wat ze fijn vonden, wat lastig was, en hun sterke kanten. Begeleiders begrepen hen beterLi e.a. (2025)
Op schoolWat hielp: begrepen worden, en zelf invloed hebben op wat je nodig hebtMcKinlay e.a. (2025)
VertellenAls mensen weten wat lastig is, kunnen ze helpenThuisarts

Een paspoort voor onderzoek. Een autistisch lid van een onderzoeksteam bedacht een paspoort. Autistische volwassenen konden daarin vooraf over zichzelf vertellen. Ze kozen zelf hoeveel. Het paspoort hielp het contact. Maar het loste niet alles op, en het moest flexibel zijn.

Een communicatiepaspoort. In een ander onderzoek vulden 38 mensen een communicatiepaspoort in, ook mensen met veel autistische kenmerken. Ze schreven wat ze fijn vonden in contact, welke prikkels lastig waren, en wat ze nodig hadden. Ook hun sterke kanten. Begeleiders begrepen hen daardoor beter. Belangrijk: het paspoort moet je af en toe bijwerken.

5/14

Probeer het zelf

Maak je paspoort. Vul de vragen bovenaan in. Daaronder staat wat je eerder op kaarten invulde. Kies wat erin komt. Download of druk het af.

Wat je invult, blijft op dit apparaat.

6/14

Hoe pak je het aan?

Een paar stappen om je eigen plan te maken en te gebruiken.

Vandaag: vul het kompas in

Waar zit je nu mee? Volg het kompas, en lees de les die past. Je hoeft niet alles tegelijk te doen.

Vul eerst de kaarten in

Je paspoort haalt op wat je eerder invulde. Heb je dat nog niet gedaan? Begin met je prikkelprofiel en je noodplan. Die zeggen het meest.

Kies wat erin komt

Niet alles hoeft erin. Kies per onderdeel. Voor een nieuwe mentor misschien je prikkelprofiel en je noodplan. Voor een werkgever misschien alleen wat je nodig hebt.

Geef het aan wie je wilt

Druk het af, of stuur het als bestand. Bespreek het, het liefst in een rustig gesprek. Vraag of de ander nog vragen heeft.

Werk het bij

Wat helpt, kan veranderen. Kijk elk half jaar, of na een overstap, of het nog klopt.

7/14

Herken je dit?

Drie mensen, drie paspoorten. Kijk wat er gebeurt zonder, en wat er gebeurt met.

Casus 1Yara, naar de brugklas

Wat er speelt

Yara is 12 en gaat naar de brugklas. Op de basisschool wist de juf precies wat ze nodig had. Op de nieuwe school weet niemand iets.

Wat de meeste mensen doen

Haar ouders vertellen het in een gesprek. De mentor knikt, maar vergeet de helft.

Waarom dat niet werkt

Alleen vertellen is snel vergeten. En de mentor kan het niet doorgeven aan andere docenten.

Wat beter werkt

Yara maakt met haar ouders een paspoort. Met haar prikkelprofiel, haar noodplan, en wat helpt in de klas. De mentor deelt het, met toestemming, met haar docenten.

Waarom dat helpt

Iedereen kan het teruglezen. Yara hoeft het niet steeds opnieuw uit te leggen.

Casus 2Bram, weet niet waar hij moet beginnen

Wat er speelt

Bram is 17 en kreeg net de diagnose. Hij heeft veel vragen, maar weet niet waar hij moet beginnen.

Wat de meeste mensen doen

Bram leest van alles op internet. Hij raakt overweldigd.

Waarom dat niet werkt

Te veel informatie tegelijk. En niet alles klopt.

Wat beter werkt

Bram volgt het kompas. Hij is vaak moe, al weken. Het kompas stuurt hem naar de les over energie, en dan naar die over burn-out.

Waarom dat helpt

Bram begint bij wat nu speelt. Stap voor stap.

Casus 3Linda, een nieuwe leidinggevende

Wat er speelt

Linda is 44. Ze krijgt een nieuwe leidinggevende. De vorige wist wat ze nodig had: een vaste plek en instructies op papier.

Wat de meeste mensen doen

Linda wacht af, en hoopt dat het goed gaat.

Waarom dat niet werkt

De nieuwe leidinggevende weet het niet. Er veranderen dingen die voor Linda belangrijk zijn.

Wat beter werkt

Linda kiest uit haar paspoort wat ze kwijt wil: haar werkkaart en wat helpt. Niet haar noodplan. Ze bespreekt het in een kort gesprek.

Waarom dat helpt

De leidinggevende weet wat Linda nodig heeft. En Linda heeft zelf gekozen wat ze deelt.

8/14

Past het niet?

Een eigen plan helpt veel mensen. Maar soms loopt het anders.

  • Je wilt niet dat iemand het zietDat hoeft ook niet. Je kunt het paspoort alleen voor jezelf gebruiken.
  • Iemand leest het nietBespreek het in een kort gesprek. Kies de drie belangrijkste punten.
  • Het klopt niet meerWerk het bij. Wat helpt, kan veranderen.
  • Je weet niet wat je moet invullenBegin met één kaart, bijvoorbeeld je prikkelprofiel. Vul de rest later in, of samen met iemand die je goed kent.
9/14

Voor jou

Wat betekent dit voor jou? Kies op het overzicht wie je bent, dan staat jouw stukje open.

Zelf

Je paspoort is van jou. Begin klein, met één of twee kaarten. Jij kiest wat erin komt, en wie het ziet. Werk het bij als er iets verandert.

Ouder of verzorger

Maak het paspoort samen met je kind. Laat je kind zelf kiezen wat erin komt, zeker als het ouder wordt. Neem het mee bij een overstap.

Leerkracht, docent of leidinggevende

Krijg je een paspoort? Lees het, en vraag wat het belangrijkst is. Deel het alleen met toestemming. Vraag na een tijdje of het nog klopt.

Basisschool

Vul het paspoort samen met je ouders in. Geef het aan je juf of meester aan het begin van het schooljaar.

Middelbare school

Geef je paspoort aan je mentor. Vraag of die het, met jouw toestemming, deelt met je docenten.

Studie

Neem je paspoort mee naar de studentendecaan. Het helpt bij het aanvragen van aanpassingen.

Werk

Kies zelf wat je deelt met je leidinggevende. Je werkkaart en wat helpt zijn vaak genoeg.

10/14

Mythes & valkuilen

Over een paspoort hoor je dingen die niet kloppen. Hier zijn er drie, met wat wel klopt.

BeweringKlopt het?Wat wel klopt
In een paspoort moet alles staan.NeeJij kiest wat erin komt, en hoeveel.
Een paspoort maak je één keer.NeeWat helpt, kan veranderen. Werk het af en toe bij.
Met een paspoort is alles opgelost.NeeHet helpt het contact, maar het lost niet alles op. Een gesprek blijft belangrijk.
11/14

Hulp nodig?

Weet je niet waar je moet beginnen, of gaat het niet goed? Je hoeft het niet alleen op te lossen.

Iemand die je vertrouwt
een ouder, een vriend, een broer of zus. Vul het paspoort samen in.
Op school of studie
je mentor, de intern begeleider (IB'er) of de studentendecaan.
Op je werk
je leidinggevende, de bedrijfsarts, of een jobcoach.
De huisarts
als het al lang niet goed gaat.
De NVA
de Nederlandse Vereniging voor Autisme, op autisme.nl.
12/14

Samenhang

Lees eerst

Verwant

Hierna

13/14

Bronnen

Alle bronnen van de cursus →

14/14

Toets

Laat zien wat je weet. Er zijn 8 vragen. Heb je er 6 goed, dan heb je het onderwerp gehaald.

Gebaseerd op onderzoek en op de ervaring van autistische mensen. Deze cursus legt uit wat autisme is en geeft je hulpmiddelen. Hij stelt geen diagnose en vervangt geen hulpverlener. Herken je jezelf, of gaat het niet goed? Praat erover met iemand die je vertrouwt, je huisarts, of je mentor of studentendecaan.